Wat vind je van mijn nieuwe website? Niet slecht toch? En als je een paar dagen blijft volgen, zal je zien dat hij razendsnel verbetert, minstens wat betreft vormgeving en gebruiksgemak.
Ik beken. ChatGPT helpt mij, en nog geen klein beetje. Dat gaat zo. Ik heb een idee voor een website. Ik vertel dat in mijn eigen woorden aan chatGPT. Mijn eigen woorden… ik geef toe, die zijn al behoorlijk gestructureerd. Maar goed, met een half A4-tje, in mensentaal, heeft chatGPT genoeg om aan het sparren te gaan. Over het algemeen concept, over een idee voor lettertype… een beetje van de hak op de tak zoals sparren gaat… maar met groot oog voor de heldere lijn die er moet komen.
Met een empathisch woord… op een voorbeeldstukje dat ik aanlever weet hij mij het juiste klopje op de schouder te geven. Met een grap… helemaal afgestemd op het soort grappen dat ik leuk vind als ik mij in een nerdy mood bevind.
We kloppen af. Het concept is klaar voor een eerste test. Ik laat chatGPT even alleen, terwijl ik wat spullen opruim. Dan heeft hij de website klaar. Heel helder over wat ik moet doen om hem online te krijgen. Heel helder over de status van het werk: wat is al klaar, wat moet nog komen. Je zou met minder tevreden zijn.
Toch knaagt er iets. In de eerste essays die op deze website zullen gepubliceerd worden, gaat het over de civiele ruimte, over democratie… Maar wat doet chatGPT en zijn AI-broertjes en -zusjes met die democratie en die civiele ruimte. In de driehoek overheid-privatie levenssfeer-markt situeert AI zich duidelijk in de pool van de ‘markt’. AI dat zijn bedrijven, dat zijn concentraties van kapitaal, en het zijn mannen met een duidelijk wereldbeeld die dat kapitaal concentreren, AI een duidelijke richting opsturen. AI is ‘imperialistisch’: het heeft zijn beeld over de overheid en de civiele ruimte, en het zal die proberen te creëren naar dat beeld.
In mijn essays zal het gaan over ‘democratie’ en ‘anti-democratie’. En waarschijnlijk zal ik op het anti-democratische gevaar van een oprukkende AI reflecteren en schrijven. En ik gebruik die AI om mijn ideeën snel en mooiverpakt bij een (voorlopig klein) publiek te krijgen.
Een soort dilemma dus. AI helpt me perfect voor deze kleine opdracht… waarom zou ik die hulp niet aanvaarden… me concentreren op inhoud… terwijl ik een aantal praktische taken delegeer zonder dat ik er iemand echt mee lastigval. Tegelijkertijd help ik AI… door het bescheiden abonnement dat ik nam… door zo open en vrij met de potentiële vijand te communiceren… door gewoon het gebruik van AI te banaliseren. Een kleine mier in het mierennest, dat mee de wereld creëert waarin AI regeert. (Ik weet dat ik nu een paar reuzensprongen maak, in een column mag dat.)
En eigenlijk zitten we zo weer bij de kern van mijn werk rond civiele ruimte en overheid. Wat leveren die actoren prachtig werk in die civiele ruimte. En ze creëren mee de overheid. Ze gedijen binnen een overheid die min of meer ‘democratisch’ is. Maar welke rol moeten ze opnemen als die overheid verdomd autoritair wordt? En hoe subtiel lokt die overheid hen misschien mee in een spel dat ze niet willen? En kijk: het is vanuit de ‘markt’ (met die op volle uitbraak wachtende AI) dat de knuppel in het hoenderhok gegooid wordt.